maandag 29 juni 2009
Paulus de apostel van verzoening en éénheid
In dit Paulusjaar Is het zeker goed eens bij stil te staan , dat hij voortdurend geijverd heeft voor het bewaren van de eenheid in de gemeentes en ook waar twisten en ruzies waren, hen te vermanen en te berispen en er op te wijzen, dat juist Christus het was die vrede kwam brengen. Hoe populair zijn zijn brieven wel niet en zeer leerzaam niet alleen voor toen maar ook voor nu. Als we dan denken aan Christus woorden op het laatste avondmaal dat hij niet alleen aan de apostelen toen maar ook tot ons de woorden sprak opgetekend in het evangelie van Johannes hoofdstuk 14 vers 27: Ik laat jullie mijn vrede na; mijn vrede geef ik jullie, zoals de wereld niet geven kan. Met pijn in het hart moest Paulus constateren hoe in verschillende gemeentes toen al zoveel onenigheid en twisten waren. Dat strookte niet met de vrede, die Christus ons gaf. Paulus was zeer waakzaam en alert, wat er leefde in de gemeentes. En ook de onderlinge eenheid liet wel eens te wensen over. Zo was er onenigheid over wie hun favoriet was. De een zei ik ben voor Paulus, de ander zei ik ben voor Titus en weer iemand had weer een andere favoriet. Hier was Paulus zeer verontwaardigd over en scheef: Ik ben voor Christus. Met andere woorden zal Paulus gedacht en gezegd hebben, wat maken jullie je toch druk over. Wij allen zijn geroepen om de Naam van Jezus Christus bekend te maken en zijn boodschap aan u te verkondigen. Wat maakt het uit wie het doet. Het gaat om Christus en niet om ons. Wij zijn slechts zijn boodschappers. Als Paulus nu leefde zou hij ook verdrietig zijn, van wat hij nu ziet. Zoveel gescheiden christenen, terwijl toch maar een Christus is. Gelukkig groeien we weer naar elkaar toe en hebben we veel gemeenschappelijks. zoals natuurlijk de brieven van Paulus, die bij alle christenkerken gelezen worden. de bijbel ook gemeenschappelijk. Moge het zo worden, wat Christus bad bij zijn laatste avondmaal: Ik bid niet alleen voor hen, maar voor allen die door hun verkondiging in Mij geloven. Laat hen alleen één zijn, Vader. Zoals U in Mij bent en ik in U, laat hen zo ook in ons zijn, opdat de wereld gelooft dat U mij hebt gezonden. We belijden allen toch dezelfde Christus en worden allen gedoopt in zijn naam. En vieren we allen het laatste avondmaal, waarin de Heer tot ons komt in ons hart in onze ziel als voedsel, zodat Christus in ons leeft. Mogen we in dit Paulusjaar steeds dichter bij elkaar komen, zodat we samen en gemeenschappelijk Christus glorievolle naam verkondigen en zijn liefde, vrede en verzoening verspreiden onder alle volken. Wanneer we één zijn dan staan we sterk en straalt de glans van de verrezene via ons over de gehele aarde. Dan zal niemand kunnen zeggen zoals in Paulus tijd gebeurde. Ik ga naar die, nee ik ga naar die ander. Dan maakt het niet uit waar en naar welke kerk we toegaan, want in deze eenheid wordt overal datgene gedaan, wat Paulus bedoelde. Allen zijn boodschappers van de Heer. Allen zijn we volgelingen van Christus en leve in Christus liefde met elkaar. Opdat de wereld gelooft dat U Mij hebt gezonden. Enzo zend Christus ook ons uit over de gehele aarde Om zijn blijde boodschap van verzoening, vrede en liefde te verkondigen.
Storm in ons leven
Je hebt mensen die heel rustig door het leven heen glijden, zonder veel negatieve of pijnlijke ervaringen. Je hebt ook mensen die heel verdrietige dingen meemaken, ook mensen die net als de man Job uit de eerste lezing de ene jobstijding na de andere krijgen en zich afvragen: waarom moet mij dit overkomen? Het kan de mededeling zijn dat je ongeneeslijk ziek bent, of dat een dierbare, je partner of je kind, ongeneeslijk ziek is. Het kan de dood van een goede vriend zijn, of een andere verdrietig gebeuren, een hevige teleurstelling of tegenvaller.
Als zoiets je overkomt, is het opeens gedaan zijn met je innerlijke rust, dan kun je het gevoel hebben dat je in een enorm gat valt. Dan kun je je heel ontredderd voelen en bang zijn, heel bang zelfs. Dan kan het gebeuren dat je je angstig afvraagt of je het wel aan kunt, hoe je toch verder moet in je leven.
Nu is elke mens wel eens bang, dat is helemaal geen schande. Iemand die nooit bang is, leeft niet echt. Maar angst en angst is twee. Je kunt bang zijn voor onweer, of bang zijn voor honden, of bang dat er bij je ingebroken wordt. Dat is natuurlijk heel vervelend maar niet meteen levensbedreigend. Maar angst kan ook heel diep gaan, het kan heel je leven overhoop halen, zodat je echt het gevoel hebt dat je verzuipt op een woeste wilde zee.
Jezus' leerlingen waren ook doodsbang toen ze met hun bootje in een heftige storm terecht kwamen. Ze dachten: dit overleven we niet. "Heer, raakt het u niet dat we vergaan." Zoiets kunnen ontredderde en bange mensen nu ook zeggen: God, zit je te slapen, zie je niet dat ik hieraan kapot ga, of kan het jou niets schelen wat mij overkomt. Daar lijkt het heel vaak wel een beetje op. Stiekem hopen we toch vaak op een wondertje. Dat we 's morgens wakker worden en merken dat het een boze droom was, dat de zee weer glad is en de zon weer schijnt. Jezus' leerlingen kwamen er toen gemakkelijk van af, maar dat overkomt de meesten van ons niet. De meesten moeten door een heel diep dal voordat de storm in hun leven een beetje gaat liggen.
U kent wellicht de wapenspreuk van de provincie Zeeland: Luctor et emergo: ik worstel en kom boven. Voor Zeeland in zijn strijd tegen zee en storm een heel toepasselijke spreuk. Als het echt stormt in je leven, als je kopje onder dreigt te gaan, dan gebeurt er meestal geen wonder waardoor de rust terugkeert, dan vraagt het een hele worsteling om er weer boven op te komen, een hele strijd, met jezelf, met het verdriet dat je overkomen is, met je angst die je dreigt te verlammen.
Er zijn altijd wel mensen die goed bedoeld zeggen: wees maar niet bang, het komt best weer goed. Maar als je in de boot zit in woelig vaarwater dan ervaar je dat als een enorme dooddoener. Net als iemand die intens verdrietig is en dan te horen krijgt: je moet niet huilen, je moet je groot houden. Maar, mag huilen alsjeblieft. Als daar geen ruimte voor is, dan wordt het verdriet en de ontreddering alleen maar groter. Verdriet en angst zijn heel menselijke gevoelens die je niet zomaar even van je afschudden kunt zeker niet omdat anderen er geen raad mee weten.
Tegelijk zie je ook veel mensen die in een storm terecht gekomen zijn en die toch een stuk innerlijke rust weten te bewaren, die ondanks hun angst de moed niet verliezen en doorgaan, die de kracht hebben om te worstelen en er zo weer bovenop te komen. Naast zwakheid die je vaak een grote innerlijke kracht waar je alleen maar bewondering voor kunt hebben.
Maar om te kunnen worstelen om er weer bovenop te komen, heb je mensen om je heen nodig, mensen die je niet loslaten als het gaat stormen in je leven, mensen die je ondersteunen en zo goed mogelijk bijstaan. En een gelovige mens zal ook kracht putten uit zijn geloof, uit zijn verbondenheid met God, niet in de verwachting van een wonder dat opeens de rust terug brengt maar wel als een bron van stille kracht waardoor je de worsteling aan kunt en er zo weer bovenop komt.
Als zoiets je overkomt, is het opeens gedaan zijn met je innerlijke rust, dan kun je het gevoel hebben dat je in een enorm gat valt. Dan kun je je heel ontredderd voelen en bang zijn, heel bang zelfs. Dan kan het gebeuren dat je je angstig afvraagt of je het wel aan kunt, hoe je toch verder moet in je leven.
Nu is elke mens wel eens bang, dat is helemaal geen schande. Iemand die nooit bang is, leeft niet echt. Maar angst en angst is twee. Je kunt bang zijn voor onweer, of bang zijn voor honden, of bang dat er bij je ingebroken wordt. Dat is natuurlijk heel vervelend maar niet meteen levensbedreigend. Maar angst kan ook heel diep gaan, het kan heel je leven overhoop halen, zodat je echt het gevoel hebt dat je verzuipt op een woeste wilde zee.
Jezus' leerlingen waren ook doodsbang toen ze met hun bootje in een heftige storm terecht kwamen. Ze dachten: dit overleven we niet. "Heer, raakt het u niet dat we vergaan." Zoiets kunnen ontredderde en bange mensen nu ook zeggen: God, zit je te slapen, zie je niet dat ik hieraan kapot ga, of kan het jou niets schelen wat mij overkomt. Daar lijkt het heel vaak wel een beetje op. Stiekem hopen we toch vaak op een wondertje. Dat we 's morgens wakker worden en merken dat het een boze droom was, dat de zee weer glad is en de zon weer schijnt. Jezus' leerlingen kwamen er toen gemakkelijk van af, maar dat overkomt de meesten van ons niet. De meesten moeten door een heel diep dal voordat de storm in hun leven een beetje gaat liggen.
U kent wellicht de wapenspreuk van de provincie Zeeland: Luctor et emergo: ik worstel en kom boven. Voor Zeeland in zijn strijd tegen zee en storm een heel toepasselijke spreuk. Als het echt stormt in je leven, als je kopje onder dreigt te gaan, dan gebeurt er meestal geen wonder waardoor de rust terugkeert, dan vraagt het een hele worsteling om er weer boven op te komen, een hele strijd, met jezelf, met het verdriet dat je overkomen is, met je angst die je dreigt te verlammen.
Er zijn altijd wel mensen die goed bedoeld zeggen: wees maar niet bang, het komt best weer goed. Maar als je in de boot zit in woelig vaarwater dan ervaar je dat als een enorme dooddoener. Net als iemand die intens verdrietig is en dan te horen krijgt: je moet niet huilen, je moet je groot houden. Maar, mag huilen alsjeblieft. Als daar geen ruimte voor is, dan wordt het verdriet en de ontreddering alleen maar groter. Verdriet en angst zijn heel menselijke gevoelens die je niet zomaar even van je afschudden kunt zeker niet omdat anderen er geen raad mee weten.
Tegelijk zie je ook veel mensen die in een storm terecht gekomen zijn en die toch een stuk innerlijke rust weten te bewaren, die ondanks hun angst de moed niet verliezen en doorgaan, die de kracht hebben om te worstelen en er zo weer bovenop te komen. Naast zwakheid die je vaak een grote innerlijke kracht waar je alleen maar bewondering voor kunt hebben.
Maar om te kunnen worstelen om er weer bovenop te komen, heb je mensen om je heen nodig, mensen die je niet loslaten als het gaat stormen in je leven, mensen die je ondersteunen en zo goed mogelijk bijstaan. En een gelovige mens zal ook kracht putten uit zijn geloof, uit zijn verbondenheid met God, niet in de verwachting van een wonder dat opeens de rust terug brengt maar wel als een bron van stille kracht waardoor je de worsteling aan kunt en er zo weer bovenop komt.
Leef in de Geest
Leeft naar de Geest, zegt Paulus. zo begint de mooie brief van Paulus op deze eerste Pinksterdag. Leef naar de Geest. Paulus herinnert de Galaten eraan dat Pinksteren de dag is waarop de Geest ons heeft aangespoord alle zelfzucht te overwinnen. Hij wijst hen er op dat zij moeten streven naar een wereldwijde verbondenheid zonder zelfzucht. Een leven geleid door en volgens de Heilige Geest. Dat is niet alleen voor de Galaten bedoeld, maar voor ons allen. We moeten ons niet laten leiden door egoïsme, door zelfzucht, waaruit haat en jaloezie uit voorkomen, maar door liefde, onbaatzuchtigheid, vergevingsgezindheid en verzoening. Dat is leven naar de Geest. Broeders en zusters. Leeft naar de Geest, dan zult ge niet uitvoeren wat de zelfzucht dicteert. Wat de zelfzucht wil, strijdt met de Geest, en omgekeerd, het verlangen van de Geest komt in botsing met het egoïsme. Die twee liggen met elkaar overhoop zodat ge niet kunt doen wat ge zoudt willen doen. Maar als ge u door de Geest laat leiden, staat ge niet onder de wet. De uitingen van de zelfzucht zijn bekend genoeg: ontucht, onreinheid en losbandigheid, afgoderij en toverij, haat, tweespalt, afgunst, driftbuien en intriges, ruzies, partijschap en jaloersheden, drinkgelagen, uitspattingen en zo meer. Ik waarschuw u zoals ik al eerder gewaarschuwd heb: wie zich zo misdragen, zullen het koninkrijk van God nooit erven. De vrucht van de Geest daarentegen is liefde, vreugde, vrede, geduld, vriendelijkheid, goedheid, trouw, zachtheid en ingetogenheid. Met zulke dingen heeft geen wet iets te maken. En zij die bij Jezus Christus horen, hebben hun zelfzucht gekruisigd met haar hartstochten en begeerten. Daar wij leven door de Geest, willen we ook leven volgens de Geest. Een goed thema voor ons gewetensonderzoek, in hoever wij ons hieraan schuldig maken, aan de hebzucht en egoïsme met alles wat daaraan verbonden is. Laten ook wij ons zuiveren en ons inzetten om te leven vanuit de Heilige Geest en ons laten bezielen door de Geest, zodat wij alleen leven volgens de boodschap van Jezus, de boodschap van elkaar lief te hebben zoals Hij ons heeft liefgehad. Dat is ook het enige gebod wat Hij ons gegeven heeft, elkander beminnen zoals Jezus ons heeft lief gehad. Wie vanuit zijn liefde leeft, heeft verder geen wetten meer nodig. Want de liefde voor de Heer heeft vanzelfsprekend alles wat we horen te doen, verzameld. De liefde is onbaatzuchtig, sociaal voor de medemens, zorgzaam, vredelievend, vergevingsgezind voor allen en verzoenend. Dat is wat Paulus ons wil zeggen, leven door de Geest en leven volgens de Geest.
Abonneren op:
Posts (Atom)


